Wedstrijd Chinese platforms dwarszitten: Lacoste doet mee
Wedstrijd Chinese platforms dwarszitten: Lacoste doet mee
Lacoste heeft Shein voor de rechter gedaagd. Het platform verkocht kleding met een logo, dat volgens Lacoste te veel op de beroemde krokodil lijkt.
Europees verkoopverbod
Een Parijse rechter vindt de klacht sterk genoeg om te spreken van een ‘waarschijnlijke merkinbreuk’. Op 9 juli heeft de rechtbank daarom een voorlopige maatregel opgelegd: Shein mag de producten niet meer verkopen. En dat niet alleen in Frankrijk, maar in de héle Europese Unie. Shein stelt dat de zaak nog loopt en dat er dus eigenlijk nog geen definitieve vaststelling van een merkinbreuk is. Toch heeft het bedrijf de artikelen maar vast van het platform afgehaald.
Reguleren of dwarszitten?
Langzamerhand ontstaat het beeld dat Chinese e-commerceplatforms vanuit steeds meer hoeken worden aangepakt. Naast het merkenrecht dat Lacoste nu van stal haalt, keek ook de Digital Services Act (DSA) al naar de verkoop van illegale producten. De PPWR stelt eisen aan verpakkingen. De ESPR richt zich op de duurzaamheid en levenscyclus van producten. Sinds 1 juli is er een tijdelijk Europees invoerrecht voor kleine pakketten en Frankrijk bekrachtigde op 8 juli een wet waarmee de verkoop van ultra-fastfashion wordt gefrustreerd.
Dat betekent niet dat Brussel een allesomvattend masterplan heeft liggen om Shein, Temu of AliExpress Europa uit te werken. Wat Brussel bedenkt, geldt in principe voor alle bedrijven - ongeacht hun herkomst. Ook het merkenrecht is niet voor Chinese platforms uitgevonden. Maar de optelsom wijst in één richting. Of dat reguleren of dwarszitten heet, hangt af van het perspectief.
Proactief
De DSA bevordert dat online marktplaatsen illegale producten ‘proactief’ weren. Er zijn verplichtingen om risico’s te beoordelen en te beperken. Zo wordt van een platform verwacht dat het zijn merchants traceerbaar maakt en dat er procedures zijn voor meldingen over illegale producten. Een platform hoeft echt niet iedere krokodil vooraf juridisch te beoordelen. Maar zodra er signalen komen dat een aanbod toch illegaal is, komt wel de vraag op tafel of de ‘proactieve procedures’ überhaupt functioneren.
De Europese Commissie onderzoekt precies dat. Op 17 februari 2026 opende Brussel een formeel DSA-onderzoek naar Shein, en dan vooral naar het systeem dat Shein gebruikt om de verkoop van illegale producten in de Europese Unie te beperken.
Een rechterlijke uitspraak over illegale krokodillen toont nog niet aan dat Shein de DSA heeft overtreden, zoals dat bij Temu wel bewezen is. Maar hoe vaker merken ook zelf melding maken, hoe aannemelijker het wordt dat het probleem structureel is.
Vernietigen
De ESPR, de Ecodesign for Sustainable Products Regulation, bepaalt onder meer dat grote ondernemingen onverkochte kleding, kledingaccessoires en schoenen niet ‘zo maar’ mogen vernietigen. Die bepaling geldt vanaf 19 juli en raakt vooral de Chinese platforms. Want juist daarop worden assortimenten snel gewisseld, en dat kan alleen op basis van een aanbodgerichte, structurele vorm van overproductie die voor veel restanten zorgt.
De Europese Commissie heeft bij de uitwerking van het vernietigingsverbod expliciet rekening gehouden met producten die intellectuele eigendomsrechten schenden. Vernietiging kan in zulke gevallen juist noodzakelijk zijn, om verdere inbreuken te voorkomen. Daar zal Lacoste blij mee zijn, mocht het Franse verbod definitief worden.
Ultra-fastfashion
De eerdere Franse aanval op ultra-fastfashion sluit indirect aan bij de ESPR. De Franse wet is algemeen geformuleerd en werkt met ‘objectieve criteria’, maar in de Franse debatten werden Shein, Temu en AliExpress genoemd als exponenten van het ‘overproductiemodel’ dat de wetgever wil aanpakken.
Merkenrecht
Lacostes beroep op het merkenrecht past op het eerste gezicht niet helemaal in dit rijtje overheidsmaatregelen. Toch kijkt Europa belangstellend toe. Een merk dat EU-breed is geregistreerd, zoals dat van Lacoste, heeft namelijk een ‘unitair karakter’. Dat betekent dat een bevoegde rechter, onder voorwaarden, maatregelen kan treffen met een EU-brede reikwijdte. In de Lacoste-zaak heeft de Parijse rechter dat ook daadwerkelijk gedaan.
Daarnaast had de EU de handhaving al geharmoniseerd. En wat daarbij relevant is: die handhaving kan zich ook richten op tussenpersonen (lees: platforms) waarvan de diensten worden misbruikt om inbreuk te maken.
Extra dimensie
Zo ontstaat langzaam een juridisch web rond het Chinese e-commercemodel. Geen enkel EU-instrument zet Shein, Temu of AliExpress buitenspel, hoewel sommige instrumenten Chinese platforms meer raken dan Europese. Het is vooral de combinatie van maatregelen die nadelig uitpakt voor Chinese platforms.
De Lacoste-case voegt er nog een dimensie aan toe. Maatregelen tegen Chinese platforms hoeven niet alleen van Brussel, een regering of een toezichthouder te komen. Ook individuele bedrijven kunnen naar de rechter stappen en gebruikmaken van een Europees handhavingsstelsel.
14 juli 2026 om 07:39 Laatst gewijzigd: 14 juli 2026 om 09:464 minutenMartin Bongers Print artikel
Logimerce.nl is het online platform en heeft als doel het informeren, inspireren en bij elkaar brengen van professionals in e-commerce, logistiek en fulfillment.