Albert Heijn verliest rechtszaak, wake-up call voor logistiek
Albert Heijn verliest rechtszaak, wake-up call voor logistiek
Permanent tijdelijk werk? Het klinkt raar en het mag vaak niet. Toch is het bij veel bedrijven de logistieke praktijk.
De kantonrechter in Den Haag oordeelde op 17 april dat Albert Heijn misbruik maakte van een uitzendovereenkomst, door een medewerker jarenlang en onafgebroken ‘tijdelijk’ in te lenen.
De uitspraak raakt niet alleen Albert Heijn. Het is relevant voor een groot deel van de logistieke sector.
Als het loopt als een eend …
De mede door de FNV aangespannen rechtszaak ging over een Poolse uitzendwerker, die al sinds 2018 via OTTO Workforce ingeleend werd. Pas in 2025 werd de uitzendovereenkomst stopgezet. Maar volgens de rechter had er al vanaf 2021 een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd moeten liggen. Dat wordt nu alsnog geëffectueerd en AH moet bovendien achterstallig loon aanvullen.
Voor de logistiek is vooral de onderliggende redenering interessant. De rechter zegt in feite: noem iets niet ‘tijdelijk’ als het in werkelijkheid gewoon ‘vast’ is. De medewerker bleef jarenlang structureel meedraaien, er werd zelfs nooit een einddatum afgesproken.
Logistiek verslaafd aan flex
Juist voor de logistiek kan dat gevolgen hebben. In de praktijk zijn veel warehouses en distributiecentra afhankelijk van een flexlaag: een mix van vaste krachten, nuluren-contracten, uitzendwerkers en arbeidsmigranten.
Kenmerkend voor de logistiek is bovendien dat ‘uitzendwerker’ en ‘arbeidsmigrant’ steeds vaker inwisselbare begrippen zijn. Uitzendwerk, in het algemeen, wordt namelijk steeds vaker gedaan door mensen die in het buitenland zijn geboren en vervolgens blijkt dan dat de logistiek de belangrijkste sector is voor deze mensen. In 2023 koos 37 procent van de uitzend-arbeidsmigranten voor het werk in een DC, of in de distributie.
Politiek en rechtspraak alert
De zaak tegen AH past in een bredere beweging: zowel de politiek als de rechtspraak kijken kritischer naar uitzendconstructies. De minister schreef eind 2024 expliciet dat Nederland het tijdelijke karakter van uitzenden onvoldoende waarborgt en dat hij ‘voornemens is’ om toe te werken naar een maximumtermijn van 36 maanden. Daarna zou de inlener een vast contract moeten aanbieden.
En de Hoge Raad stelde in november 2025 dat een algemene behoefte aan een flexibele schil géén afdoende argument is voor langdurig, onafgebroken uitzendwerk bij dezelfde inlener. Met andere woorden: bedrijven kunnen niet eindeloos naar hun planning of een instabiele markt wijzen als excuus voor ‘structurele tijdelijkheid’.
Wake-up call
Wie zijn normale operatie jaar in, jaar uit op dezelfde ‘tijdelijke’ mensen laat draaien, begeeft zich dus op glad ijs. De case Albert Heijn is een waarschuwing. Hoewel er een persoonlijk aspect speelde (de medewerker werd telkens afgewezen voor een vaste job), zal de rechtspraak zich vanaf nu vaker afvragen wat er eigenlijk tijdelijk is, aan een functie.
Daarnaast dreigt er navolging door andere uitzendkrachten, al dan niet onder aanvoering van de FNV. Als een rechter betoogt dat drie jaar onafgebroken werk in beginsel niet meer tijdelijk is, dan zullen meer uitzendkrachten en vakbonden zich afvragen ‘of er iets te halen’ is.
Voor de logistieke sector is er dus alarm op drie niveaus:
juridisch: vergelijkbare claims van andere langjarige uitzendkrachten kunnen volgen; financieel: nabetaling, looncorrecties en herstel in functie kunnen veel geld gaan kosten; operationeel: voor een planning die leunt op ‘permanent tijdelijk’ moet vaker een alternatief gevonden worden.
24 april 2026 om 10:56 Laatst gewijzigd: 24 april 2026 om 11:093 minuten Redactie Print artikel
Logimerce.nl is het online platform en heeft als doel het informeren, inspireren en bij elkaar brengen van professionals in e-commerce, logistiek en fulfilment.