Bedrijfsterrein onder water? Zonder stroom? Het kan maar zo
Bedrijfsterrein onder water? Zonder stroom? Het kan maar zo
Bedrijfsterreinen zien er soms uit als een achterstandswijk voor heftrucks. Maar ook als het netjes is, kan een wolkbreuk de logistieke panden snel onder water zetten. De stroom valt uit. Ondernemers moeten maatregelen nemen, en dat kan ook. Maar wacht niet op de overheid.
Structurele risico’s
Wie dacht dat terreinvergroening iets is uit een folder van Extinction Rebellion, moet toch maar even meelezen. Want de afgelopen tijd was er juist opvallend veel aandacht van de mainstream media voor de deplorabele staat van onze industrieterreinen. De NOS concludeerde dat de meeste locaties niet zijn voorbereid op wateroverlast. Een extreme bui kan dan één op de vijf gebouwen onder water zetten, tot wel 15 centimeter.
Sectorbronnen benaderen het onderwerp meer bedrijfsmatig. Topsector Logistiek bijvoorbeeld, vindt zelfs dat hittestress en wateroverlast structurele risico’s zijn voor distributiecentra en magazijnen. Een strategische uitdaging voor logistiek vastgoed en bedrijfsvoering.
Niet fijn werken
Aanleiding voor alle aandacht was een onderzoek van Werklandschappen van de Toekomst. Hieruit bleek dat 70 procent van de 3.700 Nederlandse bedrijventerreinen slecht zijn voorbereid op calamiteiten. De helft van zo’n terrein bestaat uit verhard oppervlak. Dat veroorzaakt niet alleen wateroverlast, maar ook hitte. De temperatuur kan dan gemakkelijk 10 graden oplopen.
Volgens Werklandschappen van de Toekomst verdient bijna een derde van alle werknemers z’n brood op een bedrijfsterrein. Maar fijn werken wordt steeds lastiger. De hitte en de algehele troosteloosheid van dit soort locaties helpen niet om het personeel gemotiveerd te houden.
Het is niet alleen voor werknemers onprettig. De Onderzoeksraad voor Veiligheid legde er in januari van dit jaar nog een extra waarschuwing overheen: extreme regen is een serieus veiligheidsvraagstuk, omdat het de vitale logistieke infrastructuur raakt en de maatregelen achterblijven.
Overheid niet actief
Wat dat ‘achterblijven’ betreft, de Raad voor de Leefomgeving en Infrastructuur, de Rli, stelde in 2023 al dat bedrijfsterreinen een blinde vlek waren voor de overheid. Dat is des te meer alarmerend, volgens de Rli, omdat onze bedrijfsterreinen goed zijn voor 30 procent van het bbp en voor 28 procent van de werkgelegenheid.
De Rli wees er ook op een kernprobleem: slechts 20 procent van de bedrijventerreinen kent een vorm van organisatie. Zonder organisatie valt weinig te doen aan hitte, wateroverlast en energievraagstukken. De Rli pleitte daarom voor veel meer collectieve sturing, eventueel zelfs via een verplichte aansluiting bij een lokale vereniging die ondernemers, vastgoedeigenaren en overheid verbindt.
Het kabinet sloot daar weer op aan, in 2024. Met urgentie: ongeveer de helft van al het aardgas en een derde van al onze elektriciteit wordt ‘verstookt’ op bedrijfsterreinen.
Maar het Rijk kwam niet verder dan een ‘interdepartementale werkgroep’, plus wat proefprojectjes. Het medium Stadszaken vatte die weinig actieve houding scherp samen: zonder structurele ondersteuning, geld en instrumenten blijft het bij pilots en goede bedoelingen.
En dat is precies waarin het debat nog steeds een beetje hangt. Het onderzoek van Werklandschappen van de Toekomst en de media-aandacht mag daarom gezien worden als een wake-up call.
Gewoon beginnen
Gelukkig zijn ondernemers van nature niet afwachtend. Her en der nemen zij het heft zelf in handen. In de regio Zwolle bijvoorbeeld (Voorst), investeerden zes ondernemers samen ruim 120.000 euro in vergroening, wateropvang en biodiversiteit; de gemeente legde er 40 procent bij en steekt naar aanleiding van het ondernemersinitiatief jaarlijks nog eens drie ton in een masterplan voor toekomstbestendige bedrijventerreinen.
Interessant en sympathiek is ook de ‘Straatboer’. Een non-profitinitiatief dat al jaren bezig is om versteende bedrijfsterreinen te vergroenen, leefbaar en ‘gezellig’ te maken. Met projecten als de Bonenparade en het Eetbaar hekwerk toveren zij logistieke woestijnlandschappen om in een park, waar de eetbare vruchten aan de rasters bij het DC hangen.
Dit soort ondernemers- en burgerinitiatieven laten goed zien dat je ook gewoon kunt beginnen. Niet met een visiedocument van 80 pagina’s, maar met de gezamenlijke aanplant van bomen en struiken. Op de website groengeeftenergie.nl kunnen bedrijven een aanvraag doen voor het aanplanten van heggen op hun terrein.
Gelderland doet ‘t voor
Onderneemt de overheid dan helemaal niets? Toch wel. Wat de Provincie Gelderland doet, is daarvan een goed voorbeeld. De Aanpak Toekomstbestendige Bedrijventerreinen zet niet alleen in op fysieke ingrepen, maar ook op ‘het verbeteren van het organiserend vermogen’: samenwerking, parkmanagement en gezamenlijke investeringen.
De Gelderse aanpak ontpopt zich daarmee als een richtingwijzer voor een meer pro-actieve opstelling. De andere regio’s doen ook wel ‘iets’ - subsidie geven bijvoorbeeld - maar Gelderland is toch een van de weinige provincies die de verduurzamingsopgave het zichtbaarst en meest integraal vertaalt naar de praktijk.
Pure noodzaak
Je moet het dak repareren als de zon schijnt. Ondernemers kunnen dus het beste zelf ‘aan de bak gaan’, zoals in het voorbeeld van Voorst. Want een warehouse zonder schaduw, sponswerking, waterstrategie en duurzame energieoplossingen concurreert zichzelf uit de markt.
Vergroenen moeten we niet doen omdat het netjes oogt, of goed klinkt in een duurzaamheidsverslag. Het gaat over geld. Over mogelijk schade aan gebouwen, over stroomuitval, verstoring van vitale infrastructuur, gezondheidsrisico’s en een verminderde productiviteit.
27 maart 2026 om 11:41 Laatst gewijzigd: 27 maart 2026 om 12:105 minuten Redactie Print artikel
Logimerce.nl is het online platform en heeft als doel het informeren, inspireren en bij elkaar brengen van professionals in e-commerce, logistiek en fulfilment.