80% van de herbruikbare verzendzakken komt terug; is het ook rendabel?
80% van de herbruikbare verzendzakken komt terug; is het ook rendabel?
Een Belgische praktijkproef met herbruikbare verzendverpakkingen laat een retourpercentage van 80 procent zien. Dat is een bemoedigend resultaat voor de deelnemers, waaronder bpost. Ook voor het Nederlandse BOXO, dat een vergelijkbaar systeem ontwikkelt, zal het een opsteker zijn.
Maar alleen een hoog retourpercentage maakt deze e-commerceverpakking nog niet meteen rendabel.
Proefproject
Van alle herbruikbare verzendzakken die tijdens de praktijkproef werden ingezet, is ongeveer 80 procent teruggebracht of teruggestuurd. Dat blijkt uit de eerste resultaten van het proefproject EVERPAX, waarover RetailDetail op 23 oktober berichtte.
De proef liep tussen februari en augustus, onder de projectnaam ‘Bring Me Bag’. Naast twee winkelketens deden ook bpost, de Universiteit Antwerpen, het Vlaams Instituut voor de Logistiek, Fost Plus (te vergelijken met Verpact), technologiebedrijf Twintag en verpakkingsbedrijf Corplex aan het project mee.
Statiegeld
Onlineklanten van Torfs en Juttu (respectievelijk een schoenen- en een modeketen) konden tijdens de proefperiode voor een herbruikbare kunststof verzendzak kiezen. Daarvoor betaalde men dan 3,95 euro statiegeld, wat terugbetaald werd zodra de verpakking weer was ingeleverd.
De proef bleef, om het voor alle betrokkenen niet al te ingewikkeld te maken, beperkt tot bepaalde productgroepen. Er werden initieel ook maar 2.000 verpakkingen in omloop gebracht, meldde FashionUnited.
Iedere zak had een unieke digitale identiteit, waarmee de klant geïdentificeerd werd en de retourstroom, de omloopsnelheid en het aantal gebruikscycli konden worden gevolgd.
Gedragsaanpassing
Het inleveren was voor de klant een simpele actie: de lege verzendzak gewoon in een brievenbus stoppen, naar een winkel van de twee ketens brengen, of naar een PostPunt. Simpel of niet, toch wordt van de klant een gedrag verwacht dat nog niet als automatisme in zijn ‘systeem’ zit: meestal stuur je alleen iets terug als je het product niet wil houden.
De cyclus op gang houden
Voor de klant is de hele situatie dus anders dan ‘normaal’. Maar ook voor de deelnemende winkels ontstond een niet-normale, afzonderlijke retourstroom die ook nog eens cyclisch is. Dat betekende, met slechts 2.000 zakken: geen retourzakken ontvangen? Dan zijn er ook geen zakken om nieuwe bestellingen te versturen. Het alternatief is zorgen voor meer voorraad, maar dat vereist meer investeringen.
Juttu drong er daarom bij zijn klanten op aan om binnen zeven dagen te retourneren, uiterlijk binnen dertig dagen. Op de eigen website schreef het bedrijf: "Hoe sneller, hoe beter!"
Aantal geïnteresseerden
Welk percentage van de klanten van Torfs en Juttu voor de herbruikbare verzendzak koos, maakte bpost bekend in een LinkedIn-publicatie. Bpost schrijft dat 12,5 procent van de klanten voor de herbruikbare verpakking koos, tegenover een doelstelling van 10 procent.
Rekenvoorbeeld
Bpost had bij de start hoge verwachtingen. "Wij mikken niet op een paar keer hergebruik, maar op tientallen cycli per zak. Pas dan wordt het duurzaam én betaalbaar", verklaarde Karin Enzlin, verantwoordelijk voor duurzaamheid bij bpost.
Maar hoeveel cycli voor die betaalbaarheid minimaal noodzakelijk zijn, valt niet op te maken uit de openbare onderzoeksgegevens. Daarom een theoretisch rekenvoorbeeld, gebaseerd op de aannames dat het retourpercentage van 80 procent bij iedere volgende verzending gelijk blijft én dat alle teruggekeerde zakken opnieuw inzetbaar zijn. In dat geval wordt een zak gemiddeld vijf keer gebruikt, inclusief de eerste verzending. Bij iedere volgende cyclus verdwijnt immers steeds 20 procent van de verpakkingen uit de omloop.
Derving
Dat er zakken uit de omloop vallen, kan meerdere oorzaken hebben. In de eerste plaats kunnen er zakken bij de consument achterblijven, of pas na maanden teruggestuurd worden. Daarnaast kan na ontvangst blijken dat sommige zakken er te beschadigd uitzien voor verder gebruik.
Juist dat soort gegevens is medebepalend voor de kostenvraag: hoeveel gebruikscycli zijn er nodig om de extra materiaalkosten van een herbruikbare verpakking terug te verdienen?
Voorkant van het logistieke systeem
Volgens de Universiteit Antwerpen moesten vooral standaardisatie van zak én retourproces, in combinatie met grote volumes, tot lagere kosten leiden.
Aan die voorwaarden is deels voldaan. De zakken waren gestandaardiseerd en alvast geadresseerd, en het eerste deel van de inzamelmethode was ook ‘standaard’: er waren althans geen speciale inzamelpunten nodig. Bpost gebruikte voor Bring Me Bag zijn bestaande postnetwerk, met brievenbussen en PostPunten. Daardoor hoefden de klanten geen adressen te schrijven, etiketten te plakken of een ophaaldienst in te schakelen. En voor bpost waren extra ophaalritten niet noodzakelijk.
Achterkant
Tot zover het topje van de ijsberg. ‘Onder water’ schuilen echter meestal de grootste kosten van een retoursysteem. Onderzoeker Els Du Bois van de Universiteit Antwerpen, wetenschappelijk promotor van EVERPAX, wees eerder bij NEMO Kennislink op een vergelijkbare situatie bij herbruikbare drinkbekers: die beker op zich is niet doorslaggevend. Ook het klantgedrag is volgens haar medebepalend voor het succes.
Daar komt het logistieke en administratieve retourproces aan de achterkant nog bij. Want kosteloos is dat proces bepaald niet. De zakken moeten eerst van de winkels naar bpost. Als ze in de brievenbus werden gestopt, moeten ze uit de poststroom worden gesorteerd. Vervolgens moeten ze worden gecontroleerd, eventueel gereinigd en opnieuw beschikbaar worden gemaakt door ze naar de deelnemende retailorganisaties terug te brengen.
Bpost-projectmanager Bart Neyt bevestigde in een interview met de Vlaamse afvalstoffenmaatschappij OVAM dat de uitdaging niet alleen in volume zit, maar ook in een businessmodel dat aantrekkelijk is voor zowel de consument, de webshop als de logistieke dienstverlener.
Al eerder gedaan
De deelnemende bedrijven beginnen overigens niet helemaal bij nul. Al in 2022 experimenteerde bpost met herbruikbare verzendverpakkingen, van het Franse Hipli. Ook die zakken konden via de gewone brievenbussen van bpost worden teruggestuurd.
bpost publiceerde in september 2022 een interview met Toon Torfs, innovatie- en duurzaamheidsmanager. Torfs meldde dat 84 procent van de respondenten op een klantenenquête de verpakking had teruggestuurd. Een interessant feitje voor het EVERPAX-proefproject, ook al zijn de resultaten door de verschillende meetmethoden eigenlijk niet vergelijkbaar.
Faalfactor
Volgens International Post Corporation leidde dat eerdere experiment in 2023 tot een commercieel aanbod voor webshops. Een grootschalige doorbraak bleef echter uit. Eind 2025 ging verpakkingsleverancier Hipli failliet, waarna bpost de samenwerking beëindigde. Het postbedrijf bleef wel samenwerken met Re-Zip. EVERPAX was toen al in ontwikkeling.
Wat dat uitblijven van een doorbraak betreft, daarover kwam bpost-projectmanager Bart Neyt in maart 2025 met een openhartige verklaring: het probleem was vooral dat de grote retailers aarzelden om mee te doen. Zij twijfelden over de benodigde investeringen, aanpassingen bij het orderpicken en de checkout, het geschikte type verpakking en de acceptatie door hún consumenten.
Anders gezegd: als alleen kleine webshops meedoen, ontstaat er niet alleen een volumeprobleem, maar ook een kostenprobleem. Elke keer opnieuw 1.000 zakken in omloop brengen gaat veel efficiënter met één grote modeketen, dan met honderd kleine shops.
Samenwerking
Voor het proefproject EVERPAX van 2026 is gekozen voor een iets andere aanpak: één neutrale verpakking voor meerdere retailers, en een digitale registratie van iedere zak. Volgens projectpartner Fost Plus moeten vooral standaardisatie, traceerbaarheid en logistieke samenwerking de kosten helpen beperken.
EVERPAX hoefde dus niet opnieuw aan te tonen dat herbruikbare verzendzakken technisch mogelijk zijn. En ook niet of men klanten kon verleiden om mee te doen. Het ging nu vooral om de vraag of klanten bereid waren om statiegeld te betalen en hoe een gezamenlijk systeem voldoende schaalgrootte kan bereiken.
Die vraag wordt des te urgenter door de Europese verpakkingsverordening PPWR. Vanaf 2030 geldt voor bepaalde e-commerceverpakkingen, een hergebruikdoelstelling van 40 procent.
De echte rekensom
Het Belgische retourpercentage laat zien dat een substantieel deel van de deelnemende consumenten bereid is om de verzendverpakking terug te sturen. Dat is een belangrijke eerste stap.
Maar of het systeem ook op grotere schaal goedkoper en duurzamer is dan wegwerpverpakkingen, is daarmee nog niet publiekelijk aangetoond. Daarvoor ontbreken in de openbare resultaten nog te veel cijfers.
Een herbruikbare zak is meestal duurder dan een wegwerpverpakking. Door de zak vaker te gebruiken, dalen de aanschafkosten per verzending. Maar bij iedere nieuwe cyclus ontstaan opnieuw kosten voor inzameling, sortering, controle, eventuele reiniging en herverdeling. Die kosten verdwijnen niet doordat de zak vaker wordt gebruikt. Dat betekent zelfs dat een zak die tientallen keren meegaat, nog altijd duurder kan zijn dan een wegwerpverpakking.
27 oktober 2026 om 12:44 Laatst gewijzigd: 27 oktober 2026 om 13:097 minutenMartin Bongers Print artikel
Martin Bongers is redacteur bij Logimerce. Ook schrijft hij voor vakbladen op het gebied van energie, installatietechniek, food en gezondheid. In een verder verleden was Bongers de eerste columnist voor het e-commercemagazine Twinkle. Tussendoor was hij directeur van een fulfilmentbedrijf, dat foodwebshops ontzorgde.
Logimerce.nl is het online platform en heeft als doel het informeren, inspireren en bij elkaar brengen van professionals in e-commerce, logistiek en fulfillment.